Tiele-leerstoelendag 2014

Tijdens de vorige edities van de Leerstoelendag waren de Tiele-hoogleraren en enkele gastsprekers aan het woord geweest. Dit jaar was het tijd voor een nieuwe opzet: Niet het werk van de hoogleraren zelf, maar een bont palet aan onderzoeksprojecten van hun promovendi vormde op 12 december het hoofdprogramma van de zoals altijd goed bezochte middag.

Na een kort welkomstwoord door voorzitter Els van Eijck van Heslinga was het tijd om allereerst de aandacht te vestigen op de reeks Bijdragen tot de Geschiedenis van de Nederlandse Boekhandel (BGNB), die wordt gepubliceerd door de Walburg Pers onder auspiciën van de Tiele-Stichting. Redactieleden Marieke van Delft en Jeroen Salman belichtten de geschiedenis van de reeks, de nieuwe vormgeving, de mogelijkheid die er sinds kort is om er een kortingsabonnement op te nemen, en natuurlijk het recent verschenen, schitterend vormgegeven en gebonden zestiende deel: Van Reynaert de Vos tot Tijl Uilenspiegel door Peter Cuijpers.

Hierna waren de promovendi aan de beurt, te beginnen met Erik Geleijns, die zijn onderzoek uitvoert onder begeleiding van prof. dr. Paul Hoftijzer. Prof. Hoftijzer kon helaas niet aanwezig zijn om hem te introduceren, maar zijn uitgeschreven verhaal werd voorgelezen door Els van Eijck van Heslinga. Erik Geleijns verbaasde en amuseerde zijn toehoorders met een boeiend verhaal over de crisis in de Haagse boekhandel tussen 1730 – 1745, waarbij een aantal personages een hoofdrol speelden. De bijzonder ingewikkelde constructie van de boekenveilingen, waarbij hele voorraden werden verkocht die men feitelijk niet in bezit had en schulden die torenhoog opliepen, vertoonde enige overeenkomst met de windhandel in tulpenbollen van een eeuw eerder.

De middag werd voortgezet door Irene Schrier en Rindert Jagersma, die bij hun onderzoek begeleid worden door prof. dr. Arianne Baggerman. In haar afwezigheid werden beide sprekers geïntroduceerd door haar UvA-collega, prof. dr. Jos Biemans. Irene Schrier liet vervolgens zien dat onderzoek naar boeken allerminst gelijk staat aan onderzoek naar teksten: het beeld is minstens zo belangrijk. Haar onderzoek gaat over de Delftse boek- en prentenuitgever Nicolaes de Clerck (1593 – 1623). Tijdens haar presentatie gaf ze een paar prachtige voorbeelden van hoe een prent keer op keer door verschillende uitgevers kon worden hergebruikt. Rindert Jagersma vertelde vervolgens over zijn onderzoek naar twee unieke notitieboeken: de ‘memoriaelen’ van schrijver en polemist Ericus Walten. Walten speelde gedurende zijn korte leven een belangrijke rol in de ontwikkeling en de verspreiding van de ideeën van de vroege Verlichting. Zijn notities geven een bijzonder en zeer waardevol inzicht in het leven en gedachtegoed van Walten en zijn tijdgenoten.

De presentatie van Fleur Praal, met een inleiding door haar begeleider prof. dr. Adriaan van der Weel, ging over academisch uitgeven, met name in de geesteswetenschappen. Haar onderzoek is onlangs gestart, en zij bracht een weergave van de onderzoeksstructuur voor het voetlicht, dat tegelijkertijd een enthousiast betoog was voor nieuw en meer genuanceerd onderzoek naar uitgeven in het complexe veld van de humaniora.

De inspirerende presentatie van Elsbeth Kwant, over de veranderingen in het boekenvak door de jaren heen, vormde een goed sluitstuk voor de middag. In haar verhaal werd het contact tussen auteur en lezer juist eenvoudiger, en liet zij door middel van een schematische weergave van de productie- en distributieketen zien welke ontwikkelingen zich de afgelopen decennia voordeden. Deze duidelijke ordening bood de nodige aanknopingspunten voor de ontwikkeling van toekomstplannen, waarover de aanwezigen dan ook direct de nodige gespreksstof konden vormen.

Tijdens de High Tea aan het eind van de bijeenkomst werden de vele ontstane discussies nog voortgezet, en konden de aanwezigen terugkijken op een dynamische en bijzonder informatieve bijeenkomst.